UNICEF op bezoek

                                                            

Op 11 april kwamen Ulrike, Maud en Olivier van UNICEF België naar het kantoor van Vluchtelingenwerk Vlaanderen, zodat ze samen met de gevluchte jongeren van Vluchtelingenwerk konden nadenken over verbeteringen in het onthaal van jonge vluchtelingen en asielzoekers.

Na de kennismaking verdeelden we ons in twee groepen, om te bespreken wat we positief en wat we negatief vinden in België. De aangekaarte onderwerpen lagen niet vast. Enkele aangehaalde onderwerpen van de jongeren waren: het onthaal van vluchtelingen, huisvesting, racisme, veiligheid, openbare orde en alle andere aspecten van het leven in België.

‘Het is moeilijker voor ons om een aso of tso richting te volgen, omdat we ongediplomeerde ouders hebben.’  A. 19 jaar

 

IMG_5796

Na de lunch hebben stemden we over welk onderwerp we het nog iets uitgebreider wilden hebben. Dit werd huisvesting omdat het moeilijk is om een huis te vinden als je weg moet uit een opvangcentrum.

Wanneer mensen meer dan zes maanden of meer dan een jaar in een opvangcentrum verblijven, dan zou het beter zijn om naar een sociaal huis te verhuizen.’ A. 17 jaar

Ook H. 17 jaar vindt het verblijf in een opvangcentrum niet ideaal. Hij heeft geen eigen kamer en mag soms niet meer koken als hij terugkomt van zijn werk, maar dan kan hij niet eten. ‘Beter om alleen te wonen of toch ten minste een eigen ruimte te hebben.’

A. 19 jaar zegt dat ouders vaak een grote verantwoordelijkheid leggen bij hun kinderen doordat ze vaak aan hen vragen om te vertalen. Daarnaast ‘zijn er veel mensen die niet willen verhuren aan buitenlanders of mensen die bij het OCMW een leefloon krijgen. Ze denken dan dat deze mensen de huur niet gaan betalen.’

Ook E. 23 jaar heeft ervaringen met racisme. ‘Ik belde voor mijn familie naar een huisbaas over het verhuur van een woning. Hij vroeg mijn naam en vroeg of ik een buitenlander was. Toen ik ‘ja’ zei, antwoorde hij dat hij niet verhuurd aan buitenlanders. Ik wilde ophangen, maar plots vroeg hij welke religie ik had. Toen ik zei dat ik moslim was, begon hij mij en mijn religie uit te schelden. Ik kon dat echt niet aan, nam het gesprek verder op en ging later naar de politie.’

 

Na het debat was er nog tijd voor een creatieve activiteit die enkele leuke foto’s opleverde. De jongeren mochten zichzelf schilderen. In hun hoofd schreven ze hun dromen. Met hun armen en handen zette ze dan neer hoe ze deze dromen konden bereiken.

This slideshow requires JavaScript.

Geef een reactie